Posts tonen met het label erfgoed. Alle posts tonen
Posts tonen met het label erfgoed. Alle posts tonen

vrijdag 15 augustus 2014

Woonwagen(bewoners) in beeld

Vandaag, vrijdag 15 augustus 2014, wordt de woonwagencultuur opgenomen in de Nationale Inventaris Immaterieel Cultureel Erfgoed Nederland.
Ook in onze collectie kom je de woonwagencultuur tegen, onder andere in Beeldonline, onze fotodatabank. Al eerder schreven we over een aanwinst van een bijzondere foto van zigeuners bij hun woonwagen. Hieronder zien we nog een aantal foto's uit ons werkgebied. 




Woonwagenbewoners
aan de Pater Geurtjensweg in Tilburg

Kapitein Nemostraat Tilburg


Udenhout


Woonwagens tijdens de Tilburgse kermis in 1984 


Oosterhout 1962

 Dongenseweg

zaterdag 21 september 2013

Happy memories of Tilburg: onbekende soldaten



F.C. Brown
Alfred J.B. Smith
In de loop der jaren heeft het Archief veel documentatie en foto's verzameld over de Tweede Wereldoorlog. We zijn druk doende de collectie uit te zoeken om deze goed vindbaar te maken. Deze week troffen we (lachende) soldaten aan. Waarschijnlijk zijn de soldaten ingelegerd geweest bij Tilburgse families en zijn de foto's achtergelaten.

We weten echter niet wie de soldaten zijn. Soms staan er zinnen op achterop de foto, soms niet ? Weet u meer, herkent u de man die ooit misschien bij uw familie logeerde ?


Bill


Happy Memories of Tilburg. Arthur Pearman. 15th Rex. Regt.


Johnny oct 45
C.R. Leilphicel

Len

maandag 14 juni 2010

De waarde(n) van erfgoed

Industrieel erfgoed
Afgelopen week werd ik weer eens geconfronteerd met een van mijn oude liefdes: industrieel erfgoed. U kent ze wel: al die enorme, verweesde, leegstaande panden, waarin de menselijke maat soms niet meer te herkennen is. Fabrieken die hun functies lang geleden verloren hebben. Vaak zijn ze afgebroken nadat de klad in de industrietak kwam: de leerindustrie, de sigarenindustrie, de textielindustrie, de landbouwindustrie. Maar ook die prachtige oude bruggen, sluizen, watertorens, de overgroeide spoorrails, teveel om op te noemen. Zeer fotogenieke ruïnes van vergane glorie.
Sommige gebouwen krijgen een nieuwe functie. Dat kan heel goed uitpakken omdat de vaak enorme ruimtes uitdagen om er creatief en onbeperkt gebruik van te maken. Jaloers kan ik worden op mensen die in kerken kamers tot hoog in de hemel hebben veroverd; iedere dag kan ik nog genieten van die onovertroffen lichte en ruime studiezaal van het Regionaal Archief Tilburg; alleen maar rondlopen in De Pont is al bij voorbaat een goed bestede ochtend en een hapje eten in de gezellige herrie van de Verkadefabriek: altijd goed. En altijd weer glijden mijn gedachten weg naar al die voorouders die er  ploeterden, leerden, samen werkten, er hun brood verdiende, vriendschappen aangingen.

BEB
De Brabantse Erfgoed Biënnale (BEB), een initiatief van Erfgoed Brabant, gaat de komende twee jaar extra aandacht schenken aan dat Industriële Erfgoed. De aftrap van de Biënnale was dan ook heel toepasselijke in de voormalige CHV-fabriek in Veghel.

Met de provinciale domeinen "ruimte" en "economie" is de aandacht voor industrieel erfgoed  in Brabant niet verwonderlijk. Tijdens de BEB 2010-2011 worden de Brabantse erfgoedinstellingen en -verenigingen geprikkeld om (nog meer dan voorheen) aandacht te besteden aan de verhalen van de mensen die dat erfgoed daarmee zichtbaarder en voelbaarder kunnen maken, zodat deze overblijfselen de identiteit van een dorp, een stad kunnen versterken.


De waarde(n) van erfgoed
Prof. dr. Arjo Klamer, hoogleraar economie van de kunst en cultuur, bood de aanwezigen een helder en tamelijk optimistisch perspectief in deze voor de cultuur zo barre tijden. Hij maakte duidelijk dat we ons als "erfgoedsector" niet teveel moeten laten afschrikken. De economisering van onze maatschappij,  het focussen op economisch kapitaal is weliswaar een onontkoombaar feit, belangrijk is te beseffen dat de economie een van de middelen is om het doel "kwaliteit van leven" te bereiken. Het gevoel alleen al dat je omringd wordt door monumenten, erfgoed, "stemmen" uit het verleden in welke vorm dan ook, dat die er ook voor jou zijn, geeft (meer) waarde aan je bestaan. Het gaat dan om sociaal-culturele waarde en Klamer pleitte ervoor ook deze 'vage' waarde meetbaar te maken door je publiek vragen te stellen als "wat vindt u belangrijk" en "ervaart u dat ook" . Verder pleitte hij ervoor erfgoed te zien als "gedeelde goederen": niet (te) bedrijfmatig, niet alleen maar afhankelijk van subsidie, maar juist mensen (gebruikers, bezoekers) mede-eigenaar maken. Het museum, het monument, het archief is van "ons". Vergelijk het met familie, vriendenkring: daarin investeer je wederzijds: financieel, maar ook emotioneel en daarvoor krijg je dan vriendschap, steun, liefde terug.  Ik kan me alleen maar aansluiten bij deze stellingname: het bewijs werd immers al geleverd door het succes van een project als "Geboren in 1809"

vrijdag 11 juni 2010

Huis voor Erfgoed in Oosterhout geopend !

Vandaag, vrijdag 11 juni, werd het Huis voor Erfgoed aan de Zandheuvel 51 in Oosterhout geopend. Het Huis voor Erfgoed is de naam van een concreet gebouw: de voormalige Zandheuvelschool. Dit gebouw huisvest het vernieuwde Speelgoed- en Carnavalsmuseum Op Stelten, de Heemkundekring De Heerlijkheid Oosterhout, een permanente archeologische expositie en een tentoonstellings- en informatieruimte over het cultureel erfgoed van Oosterhout. Het Speelgoedmuseum is de belangrijkste bewoner. De gemeente Oosterhout heeft in haar cultuurnota Laat duizend bloemen bloeien de ambitie uitgesproken dat Het Huis voor Erfgoed een plek in de stad wordt waar geïnteresseerden zich gezamenlijk kunnen verdiepen in erfgoed en de geschiedenis van de stad en haar bewoners.

De openingshandeling werd verricht door de wethouder van cultuur Carla Bode-Zopfi. Met de Zandheuvel erbij is het een echt Museumkwartier. Daarvoor werd het boek Van onbebeboomde bossen en dorre waterlopen over de geschiedenis van het Oosterhoutse carnaval gepresenteerd. Op dit moment is er een tentoonstelling te zien over de Oosterhoutse basisscholen.

De werkruimte van de Heemkundekring is Trefpunt Heemkunde genoemd en elke woensdagmiddag van 13.00 tot 16.00 uur geopend.

maandag 25 januari 2010

Hergebruik: ook van kwetsbaar archiefmateriaal

Hergebruik van erfgoed: in de gebouwde omgeving is het een normaal verschijnsel. De Theresiakerk en de Hasseltse kerk zijn hiervan prachtige voorbeelden: beeldbepalende kerken die werden gerestaureerd en met zorg verbouwd tot een appartementencomplex of een wijkcentrum. Het gebruik wordt veranderd, de context ook. Het gebouw krijgt een nieuwe betekenis, zonder de oude helemaal te verliezen. Soms wordt de oude betekenis zelfs krachtiger, meer benadrukt: de in de loop der jaren 'verloren' geraakte stadsmuren, waterputten, begraafplaatsen worden door archeologen getraceerd en weer onder onze aandacht gebracht. Soms in de vorm van herstel, soms door het gebouw een andere functie te geven. Ik denk daarbij aan de grafheuvels op de Regte Hei bij Riel die het landschap een toevoegde waarde (terug) geven. Maar ook de waterput in Gilze, die alweer jaren als monument het centrum van het dorp siert.

Hergebruik van archiefmateriaal lijkt wat ingewikkelder: het gaat immers om unieke en kwetsbare documenten, die met zorg in de oorspronkelijke staat bewaard worden. Gelukkig bieden de kopieermogelijkheden van tegenwoordig volop mogelijkheden tot 'hergebruik', weliswaar niet van de kwetsbare originele documenten maar van kopieën. Omdat ook het Regionaal Archief Tilburg streeft naar zoveel mogelijk gebruik en hergebruik van de bronnen een voorbeeld dat mogelijk weer anderen inspireert.

De visie van  'Schatten van Brabant'  is dat door kunst en cultureel erfgoed met elkaar te verbinden een heel nieuw cultureel aanbod kan ontstaan. In het voorjaar van 2009 kregen een aantal Brabantse filmmakers opdracht een film te waarin oude beelden een nieuwe lading zouden krijgen: door de beelden zelf te gebruiken in een nieuwe context (found footage) of door de beelden te gebruiken als inspiratie voor nieuwe kunstuitingen. Afgelopen maandag werden in de Verkadefabriek in Den Bosch de zes korte films gepresenteerd. Beklemmend, confronterend, beeldend, vrolijk en zonder uitzondering: prachtige fotografie. Zeer de moeite waard om te gaan kijken als een van deze films bij u in de buurt vertoond wordt. Hier alvast een voorproefje van de enige 100% foundfootage film die vertoond werd: de film  Brabantstoet van Carine van Vugt.


maandag 24 augustus 2009

Muzikaal erfgoed in Tilburg

Regionaal Archief Tilburg beheert een aantal bedrijfsarchieven. Vaak gaat het om bedrijven die in de geschiedenis van Tilburg een belangrijke rol hebben gespeeld. Eén daarvan is de muziekinstrumentenfabriek Kessels (inv.nr. 128, 523 en 524). In 1886 vestigde Mathieu Kessels zich in Tilburg met een werkplaats waar koperen blaasinstrumenten gerepareerd werden. Zijn bedrijf kende een enorme groei. In de hoogtijdagen van het bedrijf werden allerlei blaas-, slag- en strijkinstrumenten en piano´s gemaakt en over de hele wereld geëxporteerd. Er werkten 360 mensen in de fabriek. Na de textielindustrie was dit de tweede industrie in Tilburg.
Omstreeks 1950 liep de vraag naar muziekinstrumenten terug en de firma moest de deuren sluiten.

Het erfgoed van Kessels leeft voort in Muzima, het Muziekinstrumentenmuseum. Drijvende kracht achter het museum is Eveline Passier, dochter van één van de medewerkers van de firma Kessels. Op 22 augustus 2009 gaf zij rondleidingen door Muzima.

Het museum heeft een flinke collectie muziekinstrumenten. In de werkplaats wordt gewerkt aan de restauratie van instrumenten. Geprobeerd wordt om een heel orkest te voorzien van Kessels instrumenten en zo concerten te gaan geven. Een museum in bedrijf dus! Maar wat opvalt is dat de behuizing niet optimaal is. Muzima zit in een pand aan de Lovense Kanaaldijk, totdat een geschikte museumruimte gevonden is.

Bedrijven die muziekinstrumenten maken zijn er vrijwel niet meer in Nederland. Zelfs het restaureren van muziekinstrumenten is een uitstervend vak. Het is een wens van Muzima om dit nieuw leven in te blazen.

De uitleg van Eveline geeft aan dat het maken van muziekinstrumenten zwaar werk is. Ze kent het van haar vader. Hij at 23 boterhammer per dag, had gespierde armen als boomstammen. Keren deze tijden weer terug in Tilburg?

woensdag 8 juli 2009

Subsidie Erfgoed van de Oorlog toegekend

Eind juni werd bekend dat Regionaal Archief Tilburg, instelling van stichting Mommerskwartier subsidie heeft gekregen van het Ministerie van VWS in het kader van Erfgoed van de Oorlog. Samen met de al eerder ontvangen subsidie eind vorig jaar betreft het een bedrag van totaal 122.000 euro.

Het aantal direct door de Tweede Wereldoorlog getroffenen zal in de nabije toekomst sterk afnemen. Daarmee komt op termijn ook een einde aan de ondersteuning door de rijksoverheid van organisaties van oorlogsgetroffenen en begeleidende instellingen. Het programma Erfgoed van de Oorlog is een eenmalige en tijdelijke impuls om belangrijk materiaal uit en over de Tweede Wereldoorlog te behouden en het gebruik van dit materiaal te stimuleren. De overheid wil het mogelijk maken dat reflectie op de periode ’40 –’45 en de gevolgen daarvan kan blijven plaatsvinden aan de hand van het meest waardevolle erfgoedmateriaal. Daarbij is belangrijk dat unieke materialen en verhalen uit de Tweede Wereldoorlog behouden blijven. Als het materiaal bewaard blijft en voor iedereen goed toegankelijk is, kunnen mensen een eigen beeld vormen over de Tweede Wereldoorlog.

Al vele jaren staan de Tilburgse oorlogsslachtoffers online op de website. Allerlei mensen, van nabestaanden tot onderzoekers, hebben deze gegevens aangevuld met nieuwe feiten en/of fotomateriaal.
Door relaties (links) te leggen tussen de verschillende bronnen, kleuren zij het verhaal van de slachtoffers en de gebeurtenissen. De digitaal verbonden bronnen verrijken de informatie en er ontstaan nieuwe verbanden en inzichten in het bronmateriaal. Zo ontstaat toegevoegde waarde voor het gedigitaliseerde materiaal. Daarnaast kan er voor allerlei doelgroepen relevante informatie worden samengebracht, geïllustreerd en bewezen door het gelinkte bronnenmateriaal.
Bovendien biedt dit de gelegenheid om ook de slachtoffers van andere gemeenten in ons werkgebied op soortgelijke wijze te publiceren.

Door het gebruiken van zogenaamde Web 2.0 tools kunnen gebruikers zelf met het materiaal aan de slag gaan, commentaar leveren, aanvullingen en suggesties geven of zelf verbanden leggen tussen verschillende bronnen. Deze interactiemogelijkheden maken het bronnenmateriaal nog beter toegankelijk en beschikbaar. Door een uitgebreide inhoudelijke toegankelijkheid kan een (wetenschappelijk) onderzoeker het gedigitaliseerde bronmateriaal integraal doornemen en onderzoeksvragen beantwoorden.

De archieven en collecties, waarvoor subsidie is verkregen, zullen worden gedigitaliseerd en dit betreft:
- Ego-documenten 1940-1945
- Geluidsbanden en cassettes
- Luchtbeschermingsdiensten Tilburg en Oosterhout
- Persoonlijke archieven 1940-1945
- Wederopbouwarchieven

Dit alles is een prachtige kans voor het Regionaal Archief Tilburg om archiefmateriaal op een innovatieve manier onder de aandacht te brengen van mensen en vooral, om ze er iets mee te laten doen.

[Foto 013160 uit de fotocollectie van het Regionaal Archief Tilburg met de verwoestingen aan de NS-werkplaats in 1944]

donderdag 21 mei 2009

Found footage

Woensdag 20 mei: een prachtige dag, lekker zonnetje en toch geen spijt dat ik heel de dag in de "black-box" van de UvT heb doorgebracht. Een filmsmederij, georganiseerd door Schatten van Brabant en de Film- en Fotobank Noord- Brabant. Het werd een dag vol inspirerende ideeën van wat we de makers noemen en voorbeelden van tot nu toe verstopte beelden: zorgvuldig bewaard in de depots van de verschillende archiefdiensten..... maar ja, wie weet dat nou??

Found Footage: oud historisch beeldmateriaal hergebruiken in nieuwe producties. Oude opnamen (vaak van amateurs) in een nieuwe context leveren vaak verrassende standpunten op. De korte film "Eendjes voeren" van Eugenie Jansen leverde daarvan meteen het bewijs: eenvoudige opnamen van het altijd weer ontroerende beeld van kinderen die eentjes broodkruimels voeren, werden gekoppeld aan later ingesproken tekst waardoor het beeld en vooral het inzicht van de kijker kantelde. (Ik verklap het niet: dat doet geen recht aan de film. Ga zelf zoeken en kijken!)

De "founding father" van deze manier van documentaires maken, Ad van Liempt die het prachtige programma Andere Tijden bedacht, was de keynote spreker. Het geheim (een van de geheimen!) van dit programma is dat er altijd weer uniek materiaal gevonden wordt, letterlijk op zolders en in kelders. Soms zijn de beelden allang bekend, maar ziet iemand iets, wat anderen nog niet zagen: als voorbeeld gaf hij een opname van een bruiloft in Amsterdam waarbij Anne Frank toevallig een paar seconden bewegend in beeld is. Beelden die een andere of een indringer interpretatie van het verleden geven.

De enorme hoeveelheid beeldmateriaal die bij Beeld en Geluid bewaard wordt, is bij de filmers die zich met deze manier van werken bezig houden wel bekend. Filmers kunnen hier vaak vinden wat zij zoeken: veel Polygoonmateriaal en al die kilometers film door de omroepen geschoten worden hier goed bewaard en zijn ook goed toegankelijk. (Zo herinner ik me nog de Andere Tijden-uitzending over de eerste gewapende bankroof van Nederland die, JAWEL, in Tilburg plaats vond.) Een ander boeiend voorbeeld van Found-footage vond ik "Contractpensions" van Hetty Naaijkens-Retel Helmrich.

De "les" die we als archief van deze dag moeten leren, is dat we er niet zijn met het zorgvuldig beheren van het materiaal, maar het natuurlijk ook zo goed mogelijk toegankelijk moeten maken! Niet echt een nieuwe insteek dus, maar de tijd is rijp voor verbetering van de oude situatie, waarbij de onderzoeker dan naar het archief moet komen om de film op DVD te kunnen bekijken. Inmiddels zijn er veel meer mogelijkheden dan voorheen om de beelden te laten spreken: YouTube en Flickr hebben hun grote nut al bewezen. Als we alleen onze eigen kijkcijfers van de filmpjes die op YouTube staan bezien: 300 keer de opening van de Pellikaanhal en 400 keer de Diesviering van het Odulphus (met een beoordeling van 5 sterren!!) terwijl voorheen vrijwel niemand wist van het bestaan van die filmpjes...... zegt genoeg.

Ook de Film- en Fotobank Noord-Brabant, weliswaar iets lastiger zoeken en vinden, is als centrale toegang tot (op termijn) alle brabantse films en filmpjes een uitkomst. Filmers en andere "makers" zijn natuurlijk ook gewoon onderzoekers die gebaat zijn bij een goed beheerd, maar vooral goed toegankelijk archief. en aangezien deze onderzoekers met beeldmateriaal werken is een directe toegang tot dat beeldmateriaal de beste optie.

En natuurlijk hebben we deze dag de waarde en de kracht van soms heel gewone amateurbeelden kunnen zien: de moeite waard om dit aspect in het acquisitiebeleid mee te nemen!

dinsdag 14 april 2009

vooruit maar: authenticiteit



Mijn witte donderdagavond bracht ik met een 30tal mensen door in de Brabantse Erfgoedarena. Het auditorium van het Audax Textielmuseum Tilburg bood genoeg ruimte voor een flink robbertje bekvechten. De (Brabantse) opkomst was helaas magertjes, veel mensen uit Amsterdam (ja: zo moeten we de volgende keer toch weer naar A!) en echt vechten was er niet bij. De inzichten waren niet echt nieuw, al werden de standpunten soms redelijk prikkelend verwoord. Een museum zonder voorwerpen (het nieuw te bouwen Nationaal Historisch Museum -in een gebouw: dat dan weer wel! Is Anno niet goed genoeg?) brengt je natuurlijk al gauw bij de vraag hoe authentiek je (als museum, archief) moet zijn, wat authenticiteit überhaupt is en of die objecten nu weg mogen. En de historische sensatie die kwam ook weer om de hoek kijken. De avond inspireerde mij in ieder geval wel tot het leggen van allerlei verbindingen, het maken van gedachtenkronkels en -bruggetjes en het stellen van vragen waarop ik nog lang geen antwoorden heb.


Belangrijke vraag: IS het belang, de essentie van het/een object (in een museum, laten we geschreven, getekend en ander procesgebonden materiaal voor het gemak ook even objecten noemen) de authenticiteit? Ja, soms wel, soms niet, hè. Het ligt er maar net aan wat je er mee wil, wie de authenticiteit waarneemt. Natuurlijk geeft zintuiglijk contact een heel directe band met het object: als je ervoor open staat en in de museumwereld toch vooral als je goede ogen hebt. Het gebruik van multimedia hebben daar nog het aspect van horen aan toegevoegd. Dat is het dan wel, want VOELEN, RUIKEN, PROEVEN!! dat ligt allemaal toch wel moeilijker niet uit onwil, maar ook omdat de vluchtigheid van deze zintuigen moeilijk in authentieke 'bronnen'te vangen zijn. De context kan daarbij een rol spelen: Peter Sigmond gaf het voorbeeld van een ijselsteentje dat hem op de noordpool deed beseffen dat het echt de Hollanders waren geweest die hier waren, hetzelfde steentje in een museum bracht dat gevoel niet teweeg. Je eigen context is natuurlijk ook nog van belang: de geur van looierijen is voor de meeste mensen een haast ondraaglijke stank, bij mij brengt het direct (want geur is krachtig!) alle goede herinneringen aan mijn jeugd naar boven: mijn vader was looier en het was 'zijn' geur.
Soms brengt een replica je dichter bij 'kennis'. Tijdens de DEN dagen in december heb ik gefascineerd gespeeld met de hologrammen van potjes en pannetjes (oneerbiedig) van het Gouds museum (?) waardoor je de 'onaanraakbare' museale objecten van binnen en van buiten, van voor naar achter kon bekijken. Ook de prachtige supergefotografeerde schilderijen in het Prado (en straks 'onze' charters...) maken de originelen bijna overbodig..... En toch: als ik een schilderij wil BELEVEN dan wil ik er met mijn neus bovenopstaan, de kleuren zien, de verf met mijn ogen aftasten, het formaat op me in laten werken. Ja en dan raak ik hevig gefrustreerd als dat prachtige werk in het depot ligt opgeslagen en ik er niet bij mag, moet wachten tot een conservator zo lief is het op te laten hangen.
(wordt vervolgd, denk ik)

dinsdag 9 december 2008

DE digitaal erfgoedconferentie 2008; NAAR BUITEN!

Vandaag de eerste dag van de DE digitaal erfgoedconferentie.

De ochtend begon met een keynote van Diane Zorich, van beroep Information Management Consultant. Ze hield een verhaal dat niet slecht was, maar heel erg vanuit de Amerikaanse context. Persoonlijk kon ik me daar niet zo in herkennen hoewel haar verhaal over het belang van een goede, aansprekende visie om een proces binnen de organisatie aan de gang te houden hout sneed. Weinig nieuws verder, aardige opsomming van wat ik al wist. Ze benadrukte nog dat vindbaarheid via zoekmachines een hele hoge prioriteit moet hebben. Daar beginnen bijna alle mensen hun zoekacties.

Nancy Proctor (van het Smithsonian American Art Museum) was de tweede keynote spreker en zij had een hele goede inspirerende keynote over toepassingen van allerlei technieken in musea. Zonder daarbij de realiteit uit het oog te verliezen.
Sterk punt was voor haar: het gaat niet over techniek! Gebruik de techniek en liefst de techniek die de bezoekers al kennen: dus verzin niet steeds zelf iets nieuws als er al een goed werkend alternatief voorhanden is.
Haar statement: Het museum gaat van Acropolis naar Agora. Het museum gaat van vesting naar een ontmoetingsplaats, waar in een gemeenschap (community) uitwisseling plaatsvindt van verhalen, van kennis.
Dat kwam ook terug in het debat dat ik na de middag volgde over: Eerst alles op orde? Het sprankelde niet echt, dat debat, maar Theo Meereboer sprak wel over hetzelfde thema: als je de bezoeker faciliteert dan ontstaan er gesprekken over een object. En kennis zit ook buiten je eigen organisatie. Boor die aan.

Er is nog veel te doen. Het debat kwam niet van de grond omdat er te weinig tegenstanders van de nieuwe ontwikkelingen dit soort dagen bezoeken, noch om zich te overtuigen van het goede van het nieuwe, noch om zich daartegen uit te spreken en de discussie aan te gaan. Dat zou de organisatie een volgende keer in moeten voorzien: een panel van doorgewinterde nono's!

Oh ja, en als je het woord museum vervangt door archief... blijft dit verhaal helemaal overeind!

donderdag 27 maart 2008

Erfgoedgenetica


Een boek van december 2007, gebaseerd op onderzoek uit 2003...

Hoe moet ik dat op waarde schatten? Zeker als het onderwerp over het internetgebruik gaat. Dat is namelijk nogal explosief toegenomen in die 4 jaar tussen onderzoek en publicatie, zowel de hoeveelheid data als het aantal mensen dat internet gebruikt en de intensiteit van hun gebruik.


Opmerkelijke regel in dit boek:

De nieuwsgierigheid wordt door de deelnemers gezien als wat in hen zit en is ontplooid, niet als iets wat is aangeleerd.

Dat leest als een maakbaar!
Sommigen van ons zijn behept met een stukje DNA dat ons nieuwsgierig maakt naar het verleden, cultuur, erfgoed in brede zin! Ik zie hier kansen voor onze bedrijfstak.
Als we er namelijk in slagen om dat stukje DNA te identificeren, vervolgens te isoleren en het bij geboorte in ieder mens toevoegen, dan gaat de culturele sector een zekere en glorieuze toekomst tegemoet. Er is vast een subsidiepot te vinden die dergelijk fundamenteel onderzoek steunt.

Ik vermoed dat het localiseren geen grote problemen oplevert, want het erfgoedgen moet heel herkenbaar zijn.
Toekomstmuziek.

Terug naar het heden. Hetzelfde onderzoek zegt wel wat meer over hoe de toekomst eruit gaat zien. De oudere erfgoedliefhebber vertrouwt nog steeds voor een belangrijk deel op de gedrukte naslagwerken en opmerkelijk: Zo wordt voor officiële doeleinden vaak gedrukte literatuur gebruikt. Alsof je daarmee altijd up to date bent!
De oudere nieuwsgierigaards gaan ook vaker een archief of bibliotheek bezoeken.

De jongere onderzoekers en de hoger opgeleide onderzoekers laten het steeds vaker bij de die ze op internet vinden. Misschien omdat ze beter ontwikkelde vaardigheden hebben om te zoeken op het internet. Voor archieven ligt hier weer een kans. Veel van onze informatie leent zich bij uitstek om online aangeboden te worden.

Wat zorgen blijft baren (en hier komt de oudere internetgebruiker in mij om de hoek kijken) is de waarde van de aangeboden informatie. Hoe leren we internetgebruikers om kritisch te blijven en niet klakkeloos alles over te nemen wat online staat?!
(Hetzelfde geldt trouwens voor gedrukte media. Een oud, gevleugeld gezegde luidt dan ook: De krant brengt de leugen in het land.)

Misschien ligt hier wel één van de grootste uitdagingen voor onderwijs en de informatieprofessionals.

Om met Scroobius Pip te praten: Thou shalt think for yourselves!

Frank Huysmans en Jos de Haan:
Het bereik van het verleden – ontwikkelingen in de belangstelling voor cultureel erfgoed (SCP, december 2007)